Katholieke Kerk in en om Leuven

Welkom op de webstek van het dekenaat Leuven

RESTAURATIE VAN DE
SINT-PIETERSKERK
WERKZAAMHEDEN fase 9

FASE 9 - betreft de totaalrestauratie van vijf noordelijke zijkapellen.
Naast een aantal vrijstaande en vaste kunstwerken verspreid in de kerk (zie fig. 1). De totaalrestauratie van de vijf kapellen omvat het natuursteenparement, de bepleisterde gewelven met 16de eeuwse schildering, het historisch meubilair in de kapellen, en de kunstvoorwerpen. De restauratie van kunstvoorwerpen omvat een aantal muurepitaven, altaren en beeldhouwwerk.

In vier noordelijke zijkapellen is de bijna volledige inrichting nog aanwezig, in tegenstelling tot het overige kerkinterieur waar slechts een aantal altaren bewaard bleven. Ooit is dit anders geweest: vanaf de bouw van de kerk in de 15de eeuw werden altaren opgericht. Deze traditie is duidelijk te zien op het schilderij van Wolfgang De Smet (afb. 12), dat het interieur van de Sint-Pieterskerk toont rond het jaar 1667. Niet alleen rijke families, ook gilden en ambachten gaven mee vorm aan het kerkinterieur door altaren te onderhouden en te decoreren. De wanden rondom de altaren werden vaak voorzien van lambriseringen; balustrades sloten kapellen af van het kerkinterieur, muren en gewelven werden gedecoreerd met vaak kleurrijke schilderingen. In de noordelijke zijkapellen zijn tot op vandaag nog 16de eeuwse gewelfschilderingen bewaard. Ook op de wanden zijn nog sporen zichtbaar van kleurrijke schilderingen.

Verschillende gebeurtenissen in de geschiedenis hebben ervoor gezorgd dat veel altaren met bijbehorende kunstwerken en meubilair verloren gingen. Tijdens de Beeldenstorm in 1566 werden op grote schaal kerken in de Nederlanden beroofd van hun kunstwerken. Aan het einde van de 18de eeuw worden tijdens de Franse Revolutie opnieuw op grote schaal kerken en kloosters leeggeroofd, en ook de twee wereldoorlogen hebben ervoor gezorgd dat veel kunstwerken van de Sint-Pieterskerk verloren gingen. Het is daardoor verwonderlijk dat nog vier kapellen een oorspronkelijk 17de en 18de eeuwse aankleding bezitten, en dat zelfs 16de eeuwse gewelfschilderingen bewaard bleven.

RESTAURATIE VAN HET NATUURSTEENPAREMENT EN DE GEWELVEN

In de noordelijke zijkapellen (zie fig. 1: kapellen aangeduid in roze kleur) worden zowel het binnenparement als de bepleisterde gewelven met 16de eeuwse polychromie gerestaureerd. De restauratie van het natuursteenparement wordt uitgevoerd met technieken die recent werden uitgetest tijdens de proefrestauratie in het noordtransept (zie afb. 11). Zo zal de reiniging van het natuursteenparement uitgevoerd worden met een latexpasta, die na droging samen met het oppervlaktevuil verwijderd wordt. Na de reiniging worden herstellingen van het natuursteenparement uitgevoerd : voegwerk wordt waar nodig vervangen, verpoederde natuursteen wordt verhard, beperkt plastisch herstel wordt uitgevoerd. Vervolgens worden storende elementen, zoals de verdonkerde cementvoegen, geretoucheerd met kalklazuur (dit is een mengeling van water, kalk, cellulose en pigment). Tijdens deze ingrepen worden restanten van muurschilderingen, nog aanwezig op het parement van de vijf kapellen, beschermd en geconsolideerd.

De restauratie van de gewelven omvat de consolidatie van het 16de eeuws pleisterwerk en schilderingen (zie afb. 12), waarvan de verflaag verpoedert en afschilfert. Restaurateurs zullen deze degraderende verflagen fixeren om verder materiaalverlies te voorkomen. Na consolidatie worden de schilderingen plaatselijk geretoucheerd.

De restauratie van vrijstaande kunstvoorwerpen en schilderijen die tijdelijk uit de portiekaltaren werden verwijderd, worden gerestaureerd in een atelier in de kerk. Een toelichting bij de restauratie van de kunstobjecten en de altaarensembles in de noordelijke zijkapellen vindt u in de kolom rechts van de afbeeldingen hiernaast.

Tekst door : ARTER

voor de reiniging (origineel)

na 1ste reiniging (nog nat)

na 1ste reiniging (droog)

na 2de reiniging

Extra werk voor de reiniging van de marouflages
De maroeflages maken ongeveer 65% uit van de totale oppervlakte van de beschildering

TOELICHTING BIJ DE RESTAURATIE VAN DE KUNSTWERKEN
Vandaag vragen aanbestedingen van monumenten veelal om een multidisciplinaire totaalaanpak. Dit is voor FASE 9 van de interieurrestauratie in de Sint-Pieterskerk niet anders. Elke kunsttak (polychromie, hout, steen, schilderijen, . . .) wordt bij het IPARC-team vertegenwoordigd door een senior restaurateur die kan aansturen en tevens de eindverantwoordelijkheid draagt.

Op die manier worden kwaliteit en methodologie (eigen aan de discipline in kwestie) gegarandeerd maar kan er door de structuur ook uitwisseling zijn van know-how en best practices tussen de disciplines onderling.

Restauratoren onderschrijven een methodologisch kader dat in drie basisprincipes kan samengevat worden:

Het principe van de minimale ingreep: de restaurator respecteert het unieke karakter van elk kunstwerk, de oorspronkelijke materialen en hun natuurlijke veroudering.

Het principe van de herkenbaarheid: in dezelfde optiek van respect voor de integriteit van het kunstwerk, moet elke ingreep of toevoeging herkenbaar en onderscheidbaar zijn met het blote oog of met behulp van onderzoeksmethodes.

Het principe van de reversibiliteit: een conservatie-restauratiebehandeling moet in principe omkeerbaar zijn. De restaurator gebruikt alleen producten, materialen en technieken die het cultureel erfgoed niet beschadigen en die specifiek voor dit doel gemaakt zijn. Zijn of haar interventie mag latere behandelingen en onderzoeken op geen enkele manier belemmeren of verhinderen. Uitgaande van het respect voor de uniciteit en de authenticiteit van de voorstelling, moet elke restauratieve ingreep, omkeerbaar zijn.

AANPAK POLYCHROME BEELDEN (in hout)
Het polychroom, monochroom en verguld beeldhouwwerk is erg vervuild en bedekt met een laag stof.

Alle onderdelen worden ontstoft met een museumstofzuiger en zachte borstels.

Het gehele oppervlak vertoont opstuwingen en craquelures in de polychromie. Deze worden gefixeerd met een aangepast hechtingsmiddel en aangeblazen met warme lucht.

Alvorens over te gaan tot de reiniging van de polychromie wordt de gevoeligheid van de verflagen op de verschillende onderdelen getest. De aangewende methode en de gebruikte producten kunnen immers vari‘ren voor de verschillende kleuren of de verschillende soorten verflagen. Er wordt rekening gehouden met de verschillende alteraties en er wordt steeds getracht een esthetisch evenwicht te bewaren. Het team moet er op toekijken dat een homogeen geheel en eenzelfde reinigingsniveau bekomen wordt voor alle kapellen.

De oude vernis op het beeldhouwwerk wordt op een egale manier afgedund. Storende en slecht verouderde retouches worden verwijderd.

De lacunes in de polychromie worden eerst opgevuld met een preparatielaag en daarna geretoucheerd.

De nieuw bijgemaakte delen worden eveneens voorzien van een geschikte preparatielaag en worden naar het voorbeeld van de omliggende delen geretoucheerd zodat ze volledig ge•ntegreerd worden in het geheel.

Elke behandeling wordt uitgevoerd zonder verlies van oorspronkelijk materiaal, zonder behandelingssporen en is reversibel (omkeerbaar).Tenslotte wordt een afwerkingslaag aangebracht ter bescherming en om het geheel te homogeniseren.

AANPAK STENEN BEELDEN EN ALTAREN

De reiniging van de stenen beelden, epitafen, balustrades, lambriseringen en altaren zal het uiterlijk van de steen terug verdiepen. Het oppervlak van de steen is net zoals de andere objecten bedekt met een laag stof, vastzittend vuil en vergeelde waslagen, en oogt daardoor mat grijs.

Door de reiniging zal de oorspronkelijke kleurstelling terug worden opgehaald en door de afwerking met een microkristallijne was worden de kleuren verdiept. Daardoor krijgen de objecten het originele contrast terug, van bijvoorbeeld witte en zwarte marmer. Bij het epitaaf van Fransiscus-Xaverius De Ram is de vervuiling van de witte marmer goed zichtbaar; de reiniging zal daarom heel duidelijke resultaten opleveren.

Er wordt altijd geprobeerd om een reiniging eenvoudig te houden, maar soms is het vuil diep ingedrongen en moeten er kompressen worden aangebracht om het vuil uit de steen te trekken. Opnieuw bij het epitaaf van Fransiscus-Xaverius De Ram, is er bovenaan links een groene vlek zichtbaar en rechts een oranje-rode vlek. Dit zijn ingedrongen oxidatie-vlekken veroorzaakt door metaal. Op deze vlekken zal er bijvoorbeeld met kompressen gewerkt worden om de vlekken zo goed mogelijk te verwijderen.

Ontbrekende delen aan beelden, bijvoorbeeld vingers, worden gereconstrueerd. Voor het maken van een reconstructie wordt er eerst in plastiline een ontwerp gemaakt. Als dit ontwerp naar tevredenheid is afgewerkt, wordt met silicone en gips een mal gemaakt. De plastiline wordt uit de mal verwijderd en het stuk wordt afgegoten. Het afgietsel wordt vervolgens op een reversibele manier bevestigd aan het beeld en geretoucheerd zodat van veraf niet zichtbaar is dat er een herstelling is aangebracht.

AANPAK SCHILDERIJEN UIT DE ALTAREN
Ook de schilderijen uit de altaren zijn in de loop der jaren bedekt geraakt door een laag stof en oppervlaktevuil. Samen met de vergeelde vernis zijn de schilderijen hierdoor moeilijk leesbaar geworden. Tevens werden alle schilderijen ooit reeds eerder gerestaureerd en zitten ze vol met oude, vergeelde en verdonkerde retouches en overschilderingen.

De werken krijgen eerst een oppervlaktereiniging; nadien wordt de vergeelde vernislaag afgedund op een egale manier. Deze reiniging geeft de schilderijen hun oorspronkelijke diepte en coloriet terug. Ook alle storende oude ingrepen worden weggenomen en beter ge•ntegreerd met hedendaagse technieken.

Gaten worden toegestopt en scheuren gelijmd, lacunes krijgen een opvulling en worden geretoucheerd.

De schilderijen krijgen tenslotte een nieuwe vernislaag ter bescherming en om het geheel te homogeniseren.

Zoals bij de andere kunstobjecten wordt bij de schilderijen elke behandeling uitgevoerd zonder verlies van oorspronkelijk materiaal, zonder behandelingssporen en zijn de ingrepen reversibel (omkeerbaar).

AANPAK HOUTEN & METALEN ONDERDELEN
Houten onderdelen worden behandeld tegen houtworm met behulp van de anoxie-methode. Alle houten onderdelen worden ingepakt in een plastiek folie; vervolgens wordt uit deze 'luchtbel' alle zuurstof ontrokken waardoor de houtworm wordt vernietigd.

Nadien worden alle constructie-onderdelen van de altaren verder onderzocht op vlak van stabiliteit. Zwaar aangetaste onderdelen worden geconsolideerd, waarbij vormbehoud essentieel is. Waar nodig wordt het aangetaste materiaal vervangen door nieuw hout.

Daar waar in de sculptuur vormverlies is opgetreden door houtwormaantasting wordt dit na consolidatie terug aangevuld. Hiervoor worden verschillende reversibele technieken toegepast, ondermeer een combinatie van hout, kurk en zachte kunsthars.

De algemene stabiliteit van de altaren en alle afzonderlijke delen worden onderzocht. De smeedijzeren muurbevestigingen worden behandeld tegen corrosie en gecontroleerd op hun bevestiging in muur en altaar. Indien nodig worden gelijkaardige muurbevestigingen bijgeplaatst om de verankering te vezekeren.

Tekst door : IPARC


Afb. 1
Lambrisering in de kapel H. Naam Jezus met twee ingewerkte schilderijen: Gonzales Coqcues, De Bestuursraad van de Broederschap, olieverf op paneel, 17de eeuw Gonzales Coqcues, Werk van Barmhartigheid, bezoek aan de zieken olieverf op paneel, 17de eeuw Het beeld links op de foto, Maria met Kind, wordt ook in deze fase gerestaureerd.

Afb. 2
H. Naam Jezusaltaar en balustrade, gepolychromeerd hout,ca. 1750 Schilderij : Anoniem, Aanbidding der Wijzen, olieverf op doek, 1744.

Afb. 3
Kapel van de Brouwers

Afb. 4
Hendrik Danco, H. Arnoldusaltaar, verschillende marmersoorten en gepolychromeerd hout, ca. 1750 Ingewerkt schilderij : Balthasar Beschey, HH Arnoldus en Job, olieverf op doek, 1708-1776

Afb. 5
Kapel van Sint-Nikolaas Ingewerkt schilderij : Jan Baptist van Kerckhove, Sint-Nikolaas van Tolentino redt een schip in nood, olieverf op doek, 17de eeuw.

Afb. 6
Kapel van de H. Ivo 17de eeuws portiekaltaar, in 1804 overgeplaatst van het Laureisgasthuis in Leuven naar de Sint-Pieterskerk. Ingewerkt schilderij : Anoniem, Calvarie met Maria Magdalena, Olieverf op doek, 17de eeuw.

Afb. 7
Kapel van Sint-Krispijn en Sint-Jan Neogotisch altaar gewijd aan H. Jozef (1885)

Afb. 8
H. Carolus-Borromeusaltaar, 1641-1660. Ingewerkt schilderij : Antoine Clevenbergh, Opdracht van Jezus in de tempel (kopie naar P.J. Verhaghen), olieverf op doek, 1791-1800.

Afb. 9
Goyers Egidius I, H. Markoen, hout gepolychromeerd, 1851-1875

Afb. 10
Anoniem, H. Blasius, hout gepolychromeerd,1701-1750

Afb. 11
Proefrestauratie in het noordtransept, uitgevoerd in 2013

Afb. 12
Gewelf in de kapel van de brouwers, met restanten van een 16de-eeuwse gewelfschidering

Afb. 13
Wolfgang De Smet, Interieur van de Leuvense Sint-Pieterskerk, 1667, olie op doek, 169 x 226cm, M-Museum Leuven.
© Lukas Art in Flanders vzw.

* Afbeeldingen afkomstig uit archief ÁRTER

Folder restauratie van de Sint-Pieterskerk, « download hier. » (pdf-formaat 68Mbyte)

 | © webstek Dekenaten Leuven en Bierbeek - 2008 ~ 2017  | gewijzigd op: 09-08-2017  | webbeheer: Johan.DeBoer@telenet.be | 
 | interne verwijzing met mogelijk interne layout interne verwijzing met eigen webbeheer eigen webbeheer